Op een moment in het leven van je kind dat je je als ouder, opvoeder zorgen
maakt over de ontwikkeling, het gedrag of anderszins, zoals:
Psychosomatische klachten
Buikpijn, hoofdpijn, en allerlei lichamelijke klachten waar geen medische oorzaak aan ten grondslag ligt. (uitslag, jeuk, hyperventilatie etc).
Aangeleerde probleemgewoonten
Nagelbijten, duimzuigen, haarplukken, tandenknarsen, snoepen.
Emotionele conflicten
Angsten, fobieën, rouwverwerking, loyaliteitsconflict bij bijv. een echtscheiding.
Gedragsproblematiek
Woedeaanvallen, liegen, stelen, geen contact willen of juist overmatig aandacht vragen, gebrek aan concentratie, pesten of gepest worden.
Ontwikkelingsfaseproblematiek
Eetproblemen, slaapproblemen, motorische problemen, indelijkheidsproblemen, taal- en spraakproblemen, hechtingsproblematiek.
Omgaan met bijzondere eigenschappen
Spiritualiteit (nieuwe tijdskinderen), intellectueel talent (hoogbegaafdheid), autodidactische instelling (uitvinders).
Omgaan met “in aanleg aanwezige” problematiek
ADHD, PDD-NOS, autisme, NLD. Deze kunnen niet worden opgeheven maar het kind kan leren om beter met de gevolgen ervan om te gaan.